Dag 15 Via Campaniensis: Allemanche-Savières

Bijna de helft van het traject van vandaag loopt langs het Seine-kanaal en dat betekent een vlak traject zonder klimmen en dalen. 
Dat kanaal wordt niet meer gebruikt en dat zie je aan de vele waterlelies, in het water hangende bomen en het troebele water. Ernaast ligt de 'voie verte', het fietspad waarvan we gebruik maken om van departement te veranderen. We zijn niet meer in het departement van de Marne (Champagne) maar dat van de Aube (Troyes).
In Anglure zien we (met Hans en Erik, twee noorderburen) een vreemd kerkje met een Byzantijnse koepel.
 Volgens de legende werd de plaatselijke ridder/pelgrim op de kruistocht door de sultan gevangen genomen en werd hij pas onder voorwaarden vrijgelaten. Een van de voorwaarden was dat hij in zijn gebied een moskee ter ere van Mohammed moest bouwen. Dit zou de verklaring van het Saraceense bijgebouw moeten zijn. 
In ieder geval heet de lokale adellijke familie hier nog altijd Saladdin d'Anglure en heeft het stadje een halve maan in het wapenschild.

Dan gaat het in rechte lijn 14 km langs het Seinekanaal richting Troyes. Saai, zo in rechte lijn? Er is altijd wel wat te zien.
Wat te denken van een boom die zomaar op een oude sluis aan het groeien is. 
Of een boom die verticaal groeit op een horizontale drijvende stam. 
De natuur neemt klaarblijkelijk altijd weer de bovenhand.

Dag 14 Via Campaniensis: Sézanne-Allemanche

Een korte etappe vandaag, doorheen een van de grote landbouwgebieden van Frankrijk. Het is weer 'la plaine', zoals vorig jaar in het noordoosten van Frankrijk.  Vroeger was dit een arme dunbevolkte streek waar de mensen leefden van schapenhouderij. Door kunstmest produceert men hier nu graan, bieten, koolzaad... en is er voedingsindustrie.
Tussen die velden stap ik met Jan tot in het boerengat Allemanche; hij loopt verder want een reservering heeft hij niet gemaakt en de gîte is volzet. Hopelijk vindt hij 'mairie' in het volgende dorp 🤭.
Zo te horen is/wordt 2022 een druk Caminojaar. 
* De lokale gastgezinnen meldden me dat ze ook hier de drukte voelen aankomen en nu al elke dag 1 tot meerdere pelgrims ontvangen. 
* Gina (stapmaat van vorig jaar en dit jaar vrijwilliger op de Camino Francés in El Acebo) vernam dat alle albergues in St-Jean-Pied-de-Port (nu al...) volzet zijn en dat de pelgrims daar in deze warme lentedagen buiten slapen... 
* En de Waalse Françoise die hier vorige week was en dezelfde route doet (Vézelay-Le Puy en Velay- SJPdP- SdC) meldt dat ze verandert van route wegens ... te druk... Als 't hier al te druk is...
Nu Corona gedaan is, zou de  Camino (Francés) wel eens een snelweg van pelgrims kunnen worden dit jaar. En ik heb er eerlijk gezegd geen zin in om me daar tussen te wringen . We zien nog wel...

Dag 13 Via Campaniensis: Montmort-Sézanne

De wandeldag van 31 km is voorbijgevlogen. Na 5 km haal ik Jan de Wilde in (bij aankomst van z'n marathon in Zeeland riep de speaker om dat hij blijkbaar nog wat meer kan dan zingen...) en nog 10 km verder benen we Hans Degraaf  bij. Af en toe houden we halt om wat plaatjes te schieten maar taterend rijgen we de kilometers aaneen en schuiven de dorpjes, landschappen en koolzaadvelden voorbij.

De gesprekken gaan over mindfulness en boeddhisme, over ademtechnieken en looptrainingsschema's, over klimaat en filosofie. 

En natuurlijk ontbreekt de 'mannenpraat' niet ('je vrouw bedient wel méér mannen' waarmee hij op m'n gsm-suzanne doelt). Enkele lachsalvo's later maar twee uur vroeger dan aangekondigd komen we bij het gastgezin aan.

Gezien Jan (hij heeft 'anderhalve' tent bij 🤔) geen woord Frans spreekt (om een overnachting te vinden gaat hij hopeloos op zoek waar 'mairie' ergens woont in 't dorp 😂...) tolk ik voor het gesprek. Ollanders en talen... 

En Hans was redelijk ontgoocheld over z'n overnachting in het nonnenklooster eergisteren. Hij was er rotsvast  van overtuigd dat het er in een klooster aan toe ging zoals in Sister Act. Tot hij geconfronteerd werd met de sacrale stilte bij het avondmaal 🤣. Ollanders en religie...

Ik denk dat ik morgen nog maar eens een dagje  met de noorderburen optrek. Die mensen hebben ook recht op geestelijke bijstand 😅...  Die Ollanders toch...


Dag 11 en 12: Reims-Champillon-Montmort

Dag 11: Reims-Hautvillers

Het dorp Hautvillers, de enige 'commerce' is de boulangerie, is de wieg van de Champagne. Hier is het dat de keldermeester van het benedictijnenklooster Dom Pérignon  in de 18e eeuw de methode ontdekte om mousserende wijn te maken. Een foto maken van de abdij of van Perignons buste lukt me niet, er zijn filmopnames bezig met Catherine Deneuve en lady Gaga.

Hautvillers is ook een charmant wijndorp waar de huizen versierd zijn met smeedijzeren borden (in de middeleeuwen gaven die uithangborden belangrijke informatie aan de ongeletterde bevolking) en waar de talrijke steegjes karakteristieke namen hebben: rue de Bacchus, la queue du renard...

In de verschillende dorpen zie je het ene na het andere champagnehuis (zeg maar -boerderijen), allemaal vrij ambachtelijk en familiaal.

Onderweg naar mijn B&B (Corinne en Dominique zijn viniculteurs en leveren aan de coöperatieve) kom ik zowaar aan de Bellevuestraat in Champillon.

 En van een Belle Vue gesproken...


zicht uit het raam van de B&B


Dag 12: Hautvillers-Montmort


De route laat Epernay, de hoofdstad van de Champagne, letterlijk links liggen. Hier staan de klassieke herenhuizen in Renaissancestijl waar de hoofdkantoren gevestigd zijn van de prestigieuze champagnefirma's Moet & Chandon, Perrier, Taittinger... Wat een tegenstelling met de kleine champagneboeren van gisteren.

 
Onder mijn 44's van Meindl liggen hier in de krijtbodem  200.000.000 flessen opgeslagen. Nog wat cijfers?
* De viniculteurs krijgen €8/kg druiven van de coöperatieve.
* Een ha brengt ongeveer 100.000 kg druiven op. Heb je hier een ha, dan kan je er van leven. Heb je'r twee of drie, dan ben je binnen ...
* Wil je hier een ha vignes kopen? Kostprijs €2.000.000.

Tot de middag, in het dorpje Moussy, slingert de route zich tussen de wijngaarden waar de boeren spuiten met insecti- en pesticiden dat het een lieve lust is. We zullen er maar van uitgaan dat alles door de overheid (Europa) goed geregeld is... en intussen zelf de fiets blijven gebruiken om het milieu niet te veel te belasten...

Maar wat een panorama's en wat een onvergetelijke landschappen. Een mens zou wel tien keer zo'n mooie vergezichten willen fotograferen. 


Ik krijg maar niet genoeg van dat natuurschoon, ook al is het gecultiveerd;  zoveel tinten groen, het zijn tableaus, schilderwerken.


Na de middag loopt de route doorheen nog maar eens een woud en daarvan word ik eerlijk gezegd minder lyrisch. 'Volg deze weg 3,5 km', zegt de enige vrouw die me mag bevelen wat ik moet doen en dat is de madam in m'n GPS. En na die 3,5 km volgen er nog 2 en dan nog eens 1,5. Monotoon, vind ik het, en langdradig.

Gelukkig verhinderen de vrolijk fluitende vogels dat ik het vervelend begin te vinden.

In het gastgezin ontmoet ik André en André uit Libramont. We beginnen de avond met een Cht'i-biertje en als maaltijd... asperges. Franse, die zijn dubbel zo dik als de Vlaamse. Maar dat geldt niet alleen voor de asperges.



Dag 10 Via Scaldea/Campaniensis: Bazancourt-Reims

Al tweeduizend jaar, 't staat niet op veertien dagen, is Reims een knooppunt van Romeinse heirbanen. De Via Campaniensis volgt uiteraard de oude Voie Romaine om de stad van de Champagne en koningskroningen binnen te gaan.
Het is middag als ik de Lachende Engel begroet in de kathedraal waar Clovis gedoopt werd. Na hem werden er nog 32 koningen gekroond tot ze in Frankrijk het licht zagen en wisten dat democratie niet rijmt op monarchie. 
De Lachende Engel is een van de 2303 beelden die deze kathedraal, groter dan de Notre Dame te Parijs, zo uitzonderlijk maken. Je vraagt je af hoe ze 800 jaar geleden zo'n meesterwerken konden bouwen. Het zal de combinatie zijn van   het geloof van de bouw- en vaklui, van de machtige en verlichte clerus en van sterke architecten uiteraard. 
Tijdens dit bezoek heb ik vooral aandacht voor de 20ste eeuwse glasramen. Tijdens een oorlog sneuvelen niet enkel soldaten maar ook kunst en schoonheid. In Reims hebben ze dat met lef en met een  verbluffend resultaat rechtgezet. Chagall maakte schitterende glasramen in harmonie met de rest van de kerk, Knöbel heeft met z'n abstracte ramen afstand genomen van de glasramen als beeldverhaal; beide resultaten zijn spectaculair.
Ook de basiliek van Sint-Remi (Clovis' bevriende bisschop die hem door toedoen van Clothilde  gedoopt heeft; wat een vent al niet doet om in de gunst van zijn madam te blijven...) is indrukwekkend, vooral de Karolingische kroonluchter. En weer de glasramen. 
Ik hoor daar al iemand in de Pieter De Coninckstraat zeggen: 't zijn weer allemaal kerken... Niet dus, want Reims is ook de hoofdstad van de Art-Deco en ik bezoek er de Carnegie-bibliotheek: mozaïeken, de kroonluchter, het glazen dak van de leeszaal... 
Als luxe en exclusiviteit kan dat tellen. Zoals alles in Reims. Een dag is duidelijk te weinig voor dit pareltje.

En 'k heb dan nog geen bubbels gedronken... Maar ja, Epernay moet ook nog komen ..

Dag 9 Via Scaldea/Campaniensis: Château-Porcien - Bazancourt

In Bazancourt zijn de Ardennen (na een dagje) al voorbij en begint het Marne-departement. Na de Nord, de Aisne en de Ardennen is dit dus al het vierde departement (vergelijkbaar met in Vlaanderen de provincies) waardoor de Via Scaldea passeert. Het Marne-departement bevat o.a. de steden Reims (morgen) en Epernay (volgende week).

Vanaf Château-Porcien (de kerk die toch wel wat kunstwerken bevat kan ik niet bezoeken; in Frankrijk worden kunstwerken niet beveiligd maar de kerken gesloten...)  lopen  de Via Scaldea (de Schelderoute) en de Via Campaniensis (de Champagneroute) samen tot in Reims. 
In Bazancourt loopt de route naast de suikerfabriek Cristal en een centrum om ethanol te maken uit bieten en graan... Het is duidelijk dat dit voorstadje van Reims (nog 17 km) een belangrijk agro-industrieel complex herbergt.

Ook hier slaap ik in een gîte communale. Als ik aankom, zijn de stadwerkers nog bezig met de bedden te monteren. Ik ben zowaar de eerste gebruiker...
Om kwart voor vier (ze hebben al een keer of vijf op hun horloge gekeken) leggen ze er pap op... tijd om de nieuwe frigo uit de doos te halen hebben ze niet meer... Gelukkig werken de douches en de microgolf.  't Zal lauwe cola worden vandaag... Of een terrasje, dat is pas een waardige afsluiter.

Dag 8 Via Scaldea: Parfondeval- Château-Porcien

In La Hardoye, het Franse Ardooie zeg maar, beleef ik mijn 'hikers high', het summum, de euforie, de natte droom van elke hiker. Je bent aan 't wandelen zonder dat je 't beseft, overgeschakeld op automatische piloot, het tempo ligt verbazingwekkend hoog en de energie blijft maar komen. Je voelt niet eens meer dat je je voeten verzet, je zweeft bijna en alles gaat vanzelf. Zelfs je rugzak lijkt losjes over je rug te hangen. Het voelt aan alsof je oneindig door zou kunnen gaan...
En op dat moment komt Sylvie op me af. Ze heeft me al van ver zien aankomen en presenteert me een kop koffie op haar terras. Sylvie Laverdine heet ze. Een naam die recht uit de boekskes had kunnen komen; een zangeres of een actrice heeft zo'n naam, niet een ex-lerares Frans. 
Ze woont in de oude molen op de grens van Thiérache en de Ardennen, daar waar je het landschap ziet veranderen. Op haar terras zien we rechts, het noorden, de frisgroene pâturages (weilanden) die nu letterlijk en voorgoed achter de rug liggen en links, het zuiden, landbouwgebied met cultuurgewassen. 
We praten honderduit over het klimaat, le réchauffement, en vinden allebei dat de situatie ernstig is maar niet hopeloos. Beiden hebben we veel vertrouwen in de wetenschap en in de mens die zo creatief en inventief is dat hij voor elk probleem dat hij creëert ook wel meerdere  oplossingen vindt. We doen niet mee aan doemdenkerij en fatalisme. En dat heeft niets met naïviteit te maken, enkel met vertrouwen in mens en wetenschap. Een zielsverwant begot, en met die positieve stemming zet ik mijn weg verder, over de steeds frequentere en pittiger hellingen. Dit zijn ongetwijfeld de Franse Ardennen...
In Chaumont-Porcien, na 16 km, neem ik m'n lunch: yoghurt, appel, mandarijn, banaan, noten en een Nåkd-reep. Om te stoppen is het nog veel te vroeg, 't is pas middag, maar de eerstvolgende halte is pas binnen weer 16 km in Château-Porcien. Daartussen ligt er niets, behalve... Ardennen. 
In Château-Porcien verblijf ik voor de eerste keer op deze Camino in een gîte communale 

en maak ik m'n eigen avondmaal, een groenteschotel met pesto, basilicum en rucola, en m'n favoriete drank: cola zero zero, nul suiker en nul cafeïne... Wat er wel nog inzit en of dat dan nog wel cola is ..? Joost mag het weten. Mij maakt het niet uit; doemdenkerij, negativisme en fatalisme kunnen me gestolen worden.
 
Met dank aan de gemeente en de vrijwilligers van het lokale RP51, randonneurs et pélerins regio Reims. En dat is nog slechts 40 km ver. 

Via degli Dei, dag 6: San Piero a Sieve - Firenze

( Kunstwerk: de Via degli Dei, vrij als een vlinder)  De zon geraakt er niet door vandaag maar met slechts één bui is dit een va...